De muziek van Johann Sebastian Bach (1685 – 1750) geldt sinds zijn herontdekking in 1829 door Felix Mendelssohn (opvoering van de 1e Mattheüspassion in bijna 80 jaar) als de maat waaraan alle andere klassieke composities getoetst worden. Bach en het merendeel van zijn muzikale ouders / grootouders/ leraren zoals Georg Böhm, Heinrich Schütz, Samuel Scheidt, Johann Schein kwamen allen uit Thüringen en Sachsen(-Anhalt). De geboorteplaatsen van Johann Sebastian Bach (Eisenach), en Heinrich Schütz (Bad Köstriz) en de plaatsen waar zij componeerden, musiceerden en dirigeerden (Arnstadt, Mühlhausen, Weimar, Köthen, Leipzig, Dresden en Weißenfels) zullen U fascineren, ook omdat de meeste steden in één reis te bezoeken zijn. Schütz ging zelf naar Italië om zich verder te ontwikkelen en kreeg nog direct onderricht van Giovanni Gabrieli. Hij vertaalde de muziekstijlen die hij daar leerde in het Duits, en wordt daarom wel de ‘ Vater der deutschen Musik’ genoemd. Bach kwam uit een familie van musici (bijna allen woonachtig in Thüringen), waarvan er zo’n 100 hun sporen in de muziekgeschiedenis hebben achtergelaten. Maar zonder bestudering van de interactie met Pachelbel, Telemann, Böhm, (de Hamburger organisten/ componisten) Reincken, Scheidemann, Hieronymus en Jakob Praetorius (en via hen indirect onze eigen Jan Pieterszoon Sweelinck), en vooral de (Deen/ Lübecker) Dieterich Buxtehude doen wij onszelf te kort. Daar ligt nog een hele ontdekkingswereld die ons laat zien hoe Bach gevormd werd, en (muzikaal gezien) een kind was van zijn tijd. Op deze reizen krijgt U daarom het hele plaatje. Ook de orthodox Lutherse tradtie van zijn vader en de piëtistische opvoeding en invloed van zijn moeder, die hem tot de grootste kerkmusicus aller tijden maakt. Maar behalve die zijde is er ook een wereldse kant, en die belichten we vooral in Köthen. Vorig jaar besteedden we ook al aandacht aan Heinrich Schütz door Dresden te bezoeken. Dit jaar met Pasen bezoeken we zijn huis in Weißenfels, en in september op onze Scandinaviëreis ook Kopenhagen, waar hij twee jaar aan het hof van Koning Christiaan IV doorbracht tijdens de 30-jarige oorlog. En 2008 is ook een herdenkingsjaar voor Georg Böhm. We bezoeken dus o.a. Lüneburg waar hij het grootste deel van zijn leven werkte en Bach als leerling had. Nota Bene: Een korte biografie van J.S. Bach van 6 pagina’s in PDF-bestand wordt U bij boeking per Email toegestuurd.  Trouwkerk van Bach in Dornheim Bach standbeeld
Heinrich Schütz (1585 – 1672) Deze geweldenaar werd precies 100 jaar geboren vóór Händel, Vivaldi en Bach (allen in het muzikaal vruchtbare jaar 1685). Hij groeide op in de tijd van de late Renaissancemuziek, werd één der allergrootste componisten van de Baroktijd, schepper van de Duitse kerkmuziek in de eigen taal, maar is nog steeds ondergewaardeerd bij het grote publiek. Het leven van Schütz speelde zich af in een tijd van grote maatschappelijke onrust, verwoestende oorlogen die Centraal Europa teisterden in onze eigen Gouden Eeuw (o.a. 30-jarige oorlog waarbij ongeveer een derde van het Duitse volk het leven liet), economische tegenslagen, honger, armoede en godsdiensttwisten. Het verbaast daarom des te meer dat enkele musici die onder deze omstandigheden moesten werken – zo ook zijn vrienden Samuel Scheidt uit Halle en Johann Schein uit Grünhain (Saksen) - baanbrekende composities creëerden. Schütz vestigde een eigen Duitse muziektraditie van koorwerken. Hij liet een enorm oeuvre achter van polyfone koorwerken en een manier van componeren die veel generaties van componisten (vooral Duitse) van gewijde muziek na hem inspireerden.
Italië en in het bijzonder Venetië was de logische plaats waar hij zijn muzikale talenten kon perfectioneren, dus daar kwam hij terecht, maar pas op 24 jarige leeftijd, toen zijn lang van tevoren uitgestippelde opleiding voltooid was. Geboren in Bad Köstriz vlakbij Jena, op jonge leeftijd verhuisd naar Weißenfeld vlakbij Leipzig en Halle, uit een gezin van herbergiers (net als Antonin Dvorak ruim 250 jaar later), werd zijn schitterende jongenstem ontdekt in een koor door de hertog van Kassel-Hessen. Deze wist zijn ouders (na een jaar onderhandelen) ervan te overtuigen zijn muzikaal talent verder te laten ontwikkelen aan zijn hof. Voorwaarde was wel dat Heinrich ook rechten mocht gaan studeren na zijn Abitur, en tegelijk een gedegen muzikale opleiding kreeg. Zijn formele geloofsbrieven als componist – weer op kosten van de hertog – kreeg hij van de toen al hoogbejaarde Gabrieli – de grootste componist van zijn tijd. Schütz bleef hier van 1609 tot diens dood in 1612. Zijn eerste proeve van bekwaamheid (en dat was toen gewoon) werd een serie madrigalen. Van dit genre was bijv. Claudio Monteverdi (Gabrieli’s opvolger aan de San Marco) de grote Italiaanse meester. Heinrich maakte zich de stijl van Gabrieli geheel eigen, waarin 2-4 verschillende koren tegelijk worden gebruikt in een compositie en worden begeleid door blazers. We vinden deze ook terug in de meeste van zijn gewijde muziek. Bij zijn terugkeer in Duitsland werd de intussen gerijpte musicus, dirigent en componist al snel opgemerkt door de keurvorst van Dresden, die de hertog van Kassel-Hessen met klem verzocht hem af te staan. Met korte onderbrekingen had Schütz in Dresden een levenslange aanstelling. Zijn huwelijk en de vroege dood van vrouw en twee dochters waren de eerste van vele tragedies die het leven van Schütz tekenden. Zijn vaste geloof en zijn verdriet inspireerde hem vervolgens tot de hemelse muziek die hij in zijn hoofd hoorde en waarvan we het meest vandaag nog bezitten. In 2008 brengen wij zijn muziek en de plaatsen waar hij woonde en werkte een paar keer naar voren op onze reizen: de Bachreis in maart en de Buxtehudereis (zie onder) in september. Herbouwde Frauenkirche met orgel in Dresden
|